Posts tonen met het label Parijs. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Parijs. Alle posts tonen

16 januari 2018

Het Louvre Abu Dhabi is open

Geld is uiteraard geen probleem in Abu Dhabi en het is dus niet te verwonderen dat kosten noch moeite gespaard werden bij de bouw van hun Louvre Abu Dhabi Museum.

De naam Louvre is een tijdelijke promotiestunt die $1.15 miljard gekost heeft en 30 jaar geldig is. Gedurende de eerste tien jaar zal het Louvre in Parijs deel van zijn werken maar ook van andere Franse instellingen zoals het Musée Quai d’Orsay, de Bibliothèque Nationale en het Centre Pompidou aan Abu Dhabi in bruikleen geven. Intussen kunnen ze dan in de UAE een eigen collectie opbouwen.

Momenteel staan er zo een 600 kunstwerken ten toon, waarvan de helft uit Franse musea afkomstig is, verspreid over 23 zalen. Het bijzondere is dat hier een interculturele collectie is ondergebracht waarin westerse kunst zij aan zij staat met niet-westerse – een heel gedurfde combinatie.

Zo zien we hier een bronzen beeldje van de Egyptische godin Isis die baby Horus aan het voeden is uit 800-400 v.C., een 14de-eeuwse ivoren Madonna met Kind uit Frankrijk en een 19de-eeuwse houten Moeder met Kind uit de Kongo die elk het moederschap uitbeelden doorheen de eeuwen en uit verschillende beschavingen. Drie gouden dodenmaskers uit het antieke China, Peru en Syrië bevestigen dan weer hoe de onsterfelijkheid en de herinnering aan de doden een gemeenschappelijk element is in culturen wereldwijd.



Op deze manier hopen ze in Abu Dhabi bezoekers uit de hele wereld te bereiken met kunst die iedereen aanspreekt. De wereldwijde culturele geschiedenis komt jammer genoeg niet aan bod. Ook worden onderwerpen als slavernij en oorlog vermeden terwijl ideologische repressie, zowel politiek als godsdienstig, handig omzeild worden. De bedoeling is om de mensheid in een nieuw licht te stellen en te streven naar openheid en harmonie ofschoon dit totaal niet past bij het huidige regeringsbeleid van dat land.

Het museum complex zelf moet wel feeëriek zijn met het zonlicht dat kunstig door het dak gefilterd wordt en zorgt voor een steeds veranderend schaduwspel over de kunstwerken binnen. 

[Foto's uit New York Times]

18 september 2017

Cabinet des Médailles in Parijs

Dit museum is weinig of niet bekend en toch liggen hier unieke stukken. Jammer genoeg is de presentatie nogal oubollig en verre van overzichtelijk.

Zoals de naam het zegt, liggen hier zeker 520.000 medailles en munten die teruggaan tot de Griekse, Romeinse, Egyptische en Oosterse periodes, maar ook uit latere tijden zoals de Gallo-Romeinse bezetting, de Middeleeuwen, inclusief de Aziatische en islamitische beschavingen tot en met hedendaagse kunst.

De collectie is bovendien verstrekkend en bevat 35.000 stukken die niet onder het hoofdstuk munten en medailles valt zoals juwelen, glaswerk, keramiek, zegels, meubels, wapens en andere schatten. Om er een paar te noemen vindt men hier:
- de Schat van Berthouville met uitmuntend zilverwerk uit de Romeinse tijd
- bijzondere intaglios en kamers (20.000 stuks!) waaronder de Grote Camee van Frankrijk
- Griekse en Etruskische keramiek
- Ivoor uit de laatantieke en Byzantijnse periode
- Egyptische, Griekse en Romeinse beeldhouwwerken
- Zilverwerk van de Sassanieden en uit de Islamitische tijd
- Kunstvoorwerpen uit de Schat van Saint-Denis en van de Sainte-Chapelle (de mooiste stukken liggen natuurlijk in het Louvre)
- De bronzen troon van Koning Dagobert
- De beroemde Beker van de Ptolemaeën die met de Kruistochten in Frankrijk is beland

Het enige maar voor mij grote nadeel van dit museum is dat de collectie niet per onderwerp of per periode is ingedeeld maar dat de stukken veelal gegroepeerd zijn volgens de schenkingen van privé personen. Wie dus op zoek is naar een bepaald stuk kan wel wat kilometertjes afleggen!

29 november 2016

Van Bamian tot Palmyra, ons universeel patrimonium

De verwoesting van de reuzenbeelden van Boeddha in Bamian in 2001 werd gevolgd door een golf van verwoesting doorheen het Midden-Oosten. Zo zijn verschillende culturele erfstukken ten offer gevallen aan het oorlogsgeweld in Irak en in Syrië, zoals bv. de bijzondere resten van het paleis van Koning Sargon in Khorsabad, de Moskee van de Omajjaden in Damascus, de Krak des Chevaliers en de schitterende stad Palmyra.


Dankzij een samenwerking van het Louvre Museum met het RMN-Grand Palais in Parijs is een tentoonstelling tot stand gekomen die aan de hand van 3D-beelden elk van deze sites weer tot leven tracht te brengen. Hiervoor werd gebruik gemaakt van oude opnames, schilderijen en foto’s afkomstig uit verschillende Franse musea waaronder het Louvre, maar ook van meer recentere drone opnames.


De resulterende beelden zijn in het Grand Palais in Parijs te zien van 14 december 2016 t/m 9 januari 2017. Het wordt een reis terug in de tijd maar ook een (virtuele) reis naar wat er spijtig genoeg niet meer is.

1 november 2013

Het Louvre, Parijs

Een veel te groot museum om zomaar even te bezoeken.
In de laatste veertig jaar of zo ben ik er tientallen keren binnen geweest, de ene keer om de uitgebreide schilderijencollectie te bewonderen, dan weer voor de Franse beeldhouwkunst ten tijde van Lodewijk XIV, of de andere keer voor de oudhedenverzameling van de Soemeriërs tot de Romeinen, via de Assyriërs, Babyloniërs, Egyptenaren, Etrusken en de Grieken. Vóór de bouw van de centrale piramide moest je eindes lopen van de ene vleugel naar de andere, en zo ben ik wel eens verdwaald tussen de antieke meubels en de snuifdoosjes, Holbein en Erasmus op de zolderkamertjes, en de Koptische relikwieën in de kelder. Over de jaren zijn er stukken uit de collecties verhuisd naar de catacomben van het museum, terwijl er andere dan weer te voorschijn kwamen. Een bezoek is en blijft dus altijd een uitdaging.

Mijn voorkeur gaat natuurlijk uit naar de Grieks-Romeinse afdeling die onlangs helemaal gerenoveerd werd. Dat was eigenlijk hard nodig want veel beelden schreeuwden gewoon om een sopje! Maar na de herindeling heb ik echt wel moeten zoeken om bepaalde stukken die mij zo vertrouwd waren terug te vinden.

Tegenwoordig zijn bij voorbeeld alle terracotta beeldjes, al dan niet bestempeld als Tanagra-beeldjes, in eenzelfde zaal bijeengebracht. Hier staan pure juweeltjes met alledaagse tafereeltjes van mannen, vrouwen en kinderen, artiesten, godinnen, cupidootjes, en zelfs poppen met bewegende ledematen. Het meest opvallende terracotta vind ik dat van de Blauwe Dame uit 330-300 v.C. die door niemand minder dan Praxiteles is bewerkt. Hier staat ook het laatarchaïsche bronzen beeld van Apollo van Piombino, iets kleiner dan levensgroot met schitterend uitgewerkte haartooi.

De grote bazaltsteen met de wetten van de Babylonische Koning Hammurabi die geschreven zouden zijn rond 1772 v.C. is een must voor elke bezoeker, maar ook de hoogreliëfs uit de Assyrische paleizen van Khorsabad uit de 8ste eeuw v.C. die gevleugelde stieren met mensenhoofd voorstellen zijn een bezoek waard. Uit het Paleis van Darius I in Susa zijn er hele wanden van geglazuurd baksteen gehaald met daarop kleurrijke taferelen van gewapende soldaten, edele leeuwen en gevleugelde stieren, en ook een kapiteel met twee stierenkoppen dat ooit op de cederhouten zuilen van het paleis rustte.
Bijzonder is ook de eerste steen die gelegd werd door Darius I bij het graven van het kanaal dat de Nijl moest verbinden met de Rode Zee (522-486 v.C.). Soemerische priesters uit ongeveer 2500 v.C. met hun typische veren rokken die je met grote blauwe ogen aankijken en Bactrische prinsessen en godinnen in hun kaunakès van dezelfde oorspong. Drinkbekers, juwelen, en andere kleinere huishoudelijke voorwerpen mag je natuurlijk ook niet missen.

En zo beland ik dan in mijn knollentuin, de Grieks-Romeinse afdeling want al zijn veel beelden van oorsprong Grieks, we danken hun overlevering aan de vele Romeinse kopieën. Topkwaliteit is natuurlijk dat ene fries van het Parthenon in Athene, in mijn ogen mooier dan alle andere die in het British Museum staan. Beelden van Venus, Apollo, Aphrodite, Hermes, Athena en atleten worden afgewisseld met bustes van Plato, Socrates, Aristoteles, Pittacos en de knappe Antinoüs, de lieflijke Aphrodite uit Tralles en een bronzen Pan. Ik tref het met de lage zon die alle beelden weer tot leven lijkt te brengen.

En dan bereik ik in een hoekje dat voor mij heel belangrijk is waar minder gekende beelden staan van Alexander de Grote, maar ook van zijn opvolgers zoals Seleucos I Nicator, Ptolemeus I Soter, Ptolemeus II Philadelphus, Ptolemeus III Euergetus, Demetrius Poliorketes, Arsinoe II Philadelphus en Cleopatra, met uiteraard de onvermijdelijke Demosthenes. Hier staan nu ook de pilaren afkomstig van de Agora van Thessaloniki eind 2de/begin 3de eeuw met kariatideachtige figuren die ik voor het eerst gezien heb tijdens de tentoonstelling over Alexandre le Macédonien en nu dus definitief uit de kelder gehaald zijn. De beroemde Azara Hermes van Alexander de Grote, heel waarschijnlijk een kopie van Lysippos uit de 1ste/2de eeuw afkomstig uit Tivoli (Italië) mag ik niet missen. Vroeger stond hij in een donker hoekje en in tegenlicht bovendien, nu weer centraal maar jammer genoeg achter glas. Ook de jonge Alexander staat achter glas met een heel ongelukkige weerspiegeling. Zo is het altijd wat.


Zoals gezegd is dit slechts een deel van de enorme collectie van het Louvre natuurlijk. Ik geloof dat als je er elke dag naartoe zou gaan, je toch een jaar nodig hebt om echt alles te zien – en ik bedoel dan niet zo maar wat rondkijken.

[Klik hier om alle foto's van het Louvre te bekijken]

12 september 2012

Musée Guimet, Parijs

Dit museum staat al tientallen jaren op mijn programma en eindelijk ben ik er toch geraakt! Het staat bekend voor zijn collectie Aziatische kunst, niet meteen mijn kopje thee want de puur Chinese, Japanse en zelfs Indiase kunstwerken kunnen mij nu eenmaal niet boeien – sorry voor de liefhebbers.

Nee, ik ging natuurlijk Alexander de Grote achterna, t.t.z. de sporen van het Hellenisme in Afghanistan, India, Pakistan en in Centraal Azië over het algemeen. Nou, daar ben ik echt wel aan mijn trekken gekomen!

Het Musée Guimet is onlangs grondig gerenoveerd en dat is ook te zien. De buitenmuren zijn gezandstraald en schoon, en binnen is alles uiterst modern ingericht met volop daglicht, overzichtelijke collecties, overal duidelijke bordjes met uitleg, het huisje bij het schuurtje houdend, een weelde aan vooral beelden en muurschilderingen.

Op zich zijn de Fransen pas laat in Centraal Azië gearriveerd, gewoon omdat ze het te druk hadden in het toenmalige Indochina met sites als Angkor om er maar eentje te noemen. Maar in 1922 is daar toch verandering in gekomen toen de koning van Afghanistan niet achter wilde blijven bij zijn buurlanden en een verdrag sloot met de Fransen om in zijn land opgravingen uit te voeren. Mensen als Joseph Hackin, die het Grieks-Romeinse glaswerk van Begram vond en de kunst van Gandhara aan het licht bracht; Jules Barthoux, die van 1926 tot 1928 op de site van Hadda werkte waar hij een aantal kloosters met Grieks-Afghaans stucwerk uit de 4de-5de eeuw vond (o.a. de prachtige Génie aux Herbes); en tenslotte Daniel Schlumberger die in 1952 op de Acropolis van Surkh kotal (Bactrisch Afghanistan) vaststelde dat de Kuchans de afstammelingen waren van de Grieks-Bactrische beschaving. De Franse opgravingen in Afghanistan zijn pas afgebroken met de inval van de Sovjet-Unie in 1979.

Maar dit museum huisvest ook heel veel schatten afkomstig van de steden langs de antieke Zijde Route waar een uniek boeddhistisch patrimonium bewaard gebleven is. Het woestijnklimaat heeft er in ruime mate toe bijgedragen om zoveel unieke documenten waaronder vele geschriften maar ook een enorm aantal boeddhistische fresco’s te conserveren. In Centraal Azië waren voor genoemde Joseph Hackin, andere Fransen actief, zoals Dutreuil de Rhings (1890-1895) en Paul Pelliot (1906-1909).

Ik kan hier moeilijk alle stukken gaan toelichten, maar al mijn foto’s zijn wel te zien op de link Musée Guimet. Als uitblinkers citeer ik b.v. de aarden bekers uit Mundigak (Afghanistan) die dateren uit  2700 v.C., puur Myceens of zelfs Byzantijns op het eerste zicht maar wat natuurlijk niet kan, met uit dezelfde streek een klein beeldje dat een broertje kon zijn van de kunst uit de Cycladen. Ik ben vooral gefascineerd door de prachtige beelden en hoofden van Boeddha en Bodhissatva uit Gandhara (Pakistan) en Hadda (Afghanistan) waar de hellenistische invloed gewoon van afdruipt! De beroemde “Génie aux Herbes” uit Hadda (3de-4de eeuw) is een echt pronkstuk al hangt hij een beetje ongelukkig hoog en op een gelijkkleurige achtergrond. En dan het inmiddels vertrouwde glaswerk uit Begram (Afghanistan) uit de eerste eeuw van onze jaartelling met fascinerende vormen van visjes en galjoenen in geblazen glas, maar ook blauwe, witte en doorschijnende vaasjes en bekers. Absolute uitblinkers zijn dan weer de slanke bekers die kleurrijk beschilderd zijn met mythologische figuren en gevechtstaferelen. Daar kan ik echt niet genoeg van krijgen! In de Chinese afdeling blijf ik ook even staan bij de terracotta figuren van Bactrische en Sogdische handelaars al dan niet met hun kamelen die in de 7de-8ste eeuw gemaakt zijn, een soort eerbetoon aan deze dappere kooplui die de woestijn van Centraal Azië doorkruisten.

Zoals gezegd, wilde ik dit alles vanuit het Hellenistische oogpunt bekijken en dat is helemaal gelukt. Wat een schatten, wat een pronkstukken, wat een weelde!

Dat de eerste Boeddhabeelden hellenistische trekken hadden wist ik al wel, maar nu krijg ik te horen dat voor die tijd Boeddha altijd abstract voorgesteld werd maar dat hij onder Griekse invloed in menselijke gedaante uitgebeeld werd, inclusief een Griekse toga! Geen wonder dat ik hier mijn ogen op uit kijk! Alexander moest het eens weten…

6 februari 2011

Nog meer tentoonstellingen over Alexander de Grote

Het is bijna niet te geloven dat er na zoveel jaren wachten nu ineens een ware zondvloed van tentoonstellingen over Alexander de Grote over ons heen komt!

Als eerste was er de schitterende tentoonstelling in het Reiss- Engelhorn- Museum (REM) Mannheim eind vorig jaar: Alexander der Grosse und die Öffnung der Welt (voor mijn verslag, klik op Tentoonstelling Alexander de Grote in Mannheim), die momenteel ook onder de titel Exposición Alejandro Magno. El encuentro con Oriente in het Canal de Isabel II in Madrid loopt, en tot en met 3 mei 2011 nog te bezoeken is.

Daarna was Amsterdam aan de beurt met De Onsterfelijke Alexander de Grote (voor mijn verslag, klik op: De Onsterfelijke Alexander de Grote, het Hermitage Museum) in het Museum van de Hermitage en daarbij parallel een kleinere tentoonstelling in het Allard Pierson Museum, Alexanders Erfenis – Grieken in Egypte (voor mijn verslag, klik op: Alexanders Erfenis. Allard Pierson Museum), die beide nog lopen tot 20 maart 2011.

En dan lonken er nóg twee tentoonstellingen dit jaar! Het kan niet op.

Het eerstvolgende evenement is in Oxford, UK, waar de tentoonstelling From Hercules to Alexander: the Legend of Macedonia in het Ashmolan Museum van 7 april tot 29 augustus 2011 te bezichtigen is. Naar verluidt zullen er stukken uit het museum van Pella, Alexanders geboortestad, te zien zijn die nooit eerder het land zijn uitgeweest, met o.a. de kop van de jonge Alexander.

En dan opent het Louvre dit najaar met een bijzondere Alexander-tentoonstelling Au royaume d'Alexandre le Grand,  la Macédoine antique. Dit staat vreemd genoeg nog niet vermeld op de site van het Louvre zelf, maar heeft wel in verschillende kranten gestaan en op het internet. Hiervoor moeten we ruimte in onze agenda voorzien tussen oktober 2011 en januari 2012.

Nou, als dat niet genoeg is om ons van de straat te houden dan weet ik het niet. Mijn eigen verslagen over deze opkomende evenementen volgen uiteraard van zodra ik zelf ben gaan kijken in Oxford en in Parijs.