Posts tonen met het label Praxiteles. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Praxiteles. Alle posts tonen

2 januari 2020

Het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden


Waarom zouden we ver reizen als we in Leiden een heus Rijksmuseum van Oudheden hebben met een zeer rijke verzameling uit de klassieke oudheid.

Mijn hoogtepunten zijn uiteraard te vinden bij de Romeinse en Griekse beelden, stuk voor stuk pronkstukken, keurig geëxposeerd met alle nodige uitleg erbij. Maar voor de liefhebbers is er natuurlijk ook de Egyptische afdeling die heel goed vertegenwoordigd is. Verder zijn er stukken te zien uit Palmyra, Gandhara, Perzië, en Klein-Azië.

En dan zijn er ook de kleinere voorwerpen zoals de terracotta beeldjes, allerhande potten en schalen, munten en juwelen, kralen en spelden, wapens en wapenuitrustingen, etc. Kortom, de liefhebber kan hier makkelijk een hele dag doorbrengen.

Tussen mijn vele favorieten citeer ik het marmeren hoofd van Aphrodite uit de 3de eeuw v.C. uitgevoerd in de stijl van Praxiteles, de goed-herkenbare Socrates uit de Romeinse tijd naar een origineel uit ca. 380 v.C., een gelijkaardige buste van Euripides die ook een kopie is van een origineel uit de 4de eeuw v.C., of nog de schattige marmeren Pan geïnspireerd op een werk van Polycleitus en hier in een Romeinse weergave uit 50-350 n.C. te zien is.

Ook stop ik even bij de zware gouden armband uit Alexandrië (100-50 v.C.) en de slankere uitvoering in goud en electrum afkomstig uit Troje (700-600 v.C.). Uit Gandhara stamt dan weer een zeer hellenistisch hoofd van een man met hoofdtooi in stuc en verf en eentje van een jonge man, beide gedateerd tussen 300 en 500 n.C.

1 november 2013

Het Louvre, Parijs

Een veel te groot museum om zomaar even te bezoeken.
In de laatste veertig jaar of zo ben ik er tientallen keren binnen geweest, de ene keer om de uitgebreide schilderijencollectie te bewonderen, dan weer voor de Franse beeldhouwkunst ten tijde van Lodewijk XIV, of de andere keer voor de oudhedenverzameling van de Soemeriërs tot de Romeinen, via de Assyriërs, Babyloniërs, Egyptenaren, Etrusken en de Grieken. Vóór de bouw van de centrale piramide moest je eindes lopen van de ene vleugel naar de andere, en zo ben ik wel eens verdwaald tussen de antieke meubels en de snuifdoosjes, Holbein en Erasmus op de zolderkamertjes, en de Koptische relikwieën in de kelder. Over de jaren zijn er stukken uit de collecties verhuisd naar de catacomben van het museum, terwijl er andere dan weer te voorschijn kwamen. Een bezoek is en blijft dus altijd een uitdaging.

Mijn voorkeur gaat natuurlijk uit naar de Grieks-Romeinse afdeling die onlangs helemaal gerenoveerd werd. Dat was eigenlijk hard nodig want veel beelden schreeuwden gewoon om een sopje! Maar na de herindeling heb ik echt wel moeten zoeken om bepaalde stukken die mij zo vertrouwd waren terug te vinden.

Tegenwoordig zijn bij voorbeeld alle terracotta beeldjes, al dan niet bestempeld als Tanagra-beeldjes, in eenzelfde zaal bijeengebracht. Hier staan pure juweeltjes met alledaagse tafereeltjes van mannen, vrouwen en kinderen, artiesten, godinnen, cupidootjes, en zelfs poppen met bewegende ledematen. Het meest opvallende terracotta vind ik dat van de Blauwe Dame uit 330-300 v.C. die door niemand minder dan Praxiteles is bewerkt. Hier staat ook het laatarchaïsche bronzen beeld van Apollo van Piombino, iets kleiner dan levensgroot met schitterend uitgewerkte haartooi.

De grote bazaltsteen met de wetten van de Babylonische Koning Hammurabi die geschreven zouden zijn rond 1772 v.C. is een must voor elke bezoeker, maar ook de hoogreliëfs uit de Assyrische paleizen van Khorsabad uit de 8ste eeuw v.C. die gevleugelde stieren met mensenhoofd voorstellen zijn een bezoek waard. Uit het Paleis van Darius I in Susa zijn er hele wanden van geglazuurd baksteen gehaald met daarop kleurrijke taferelen van gewapende soldaten, edele leeuwen en gevleugelde stieren, en ook een kapiteel met twee stierenkoppen dat ooit op de cederhouten zuilen van het paleis rustte.
Bijzonder is ook de eerste steen die gelegd werd door Darius I bij het graven van het kanaal dat de Nijl moest verbinden met de Rode Zee (522-486 v.C.). Soemerische priesters uit ongeveer 2500 v.C. met hun typische veren rokken die je met grote blauwe ogen aankijken en Bactrische prinsessen en godinnen in hun kaunakès van dezelfde oorspong. Drinkbekers, juwelen, en andere kleinere huishoudelijke voorwerpen mag je natuurlijk ook niet missen.

En zo beland ik dan in mijn knollentuin, de Grieks-Romeinse afdeling want al zijn veel beelden van oorsprong Grieks, we danken hun overlevering aan de vele Romeinse kopieën. Topkwaliteit is natuurlijk dat ene fries van het Parthenon in Athene, in mijn ogen mooier dan alle andere die in het British Museum staan. Beelden van Venus, Apollo, Aphrodite, Hermes, Athena en atleten worden afgewisseld met bustes van Plato, Socrates, Aristoteles, Pittacos en de knappe Antinoüs, de lieflijke Aphrodite uit Tralles en een bronzen Pan. Ik tref het met de lage zon die alle beelden weer tot leven lijkt te brengen.

En dan bereik ik in een hoekje dat voor mij heel belangrijk is waar minder gekende beelden staan van Alexander de Grote, maar ook van zijn opvolgers zoals Seleucos I Nicator, Ptolemeus I Soter, Ptolemeus II Philadelphus, Ptolemeus III Euergetus, Demetrius Poliorketes, Arsinoe II Philadelphus en Cleopatra, met uiteraard de onvermijdelijke Demosthenes. Hier staan nu ook de pilaren afkomstig van de Agora van Thessaloniki eind 2de/begin 3de eeuw met kariatideachtige figuren die ik voor het eerst gezien heb tijdens de tentoonstelling over Alexandre le Macédonien en nu dus definitief uit de kelder gehaald zijn. De beroemde Azara Hermes van Alexander de Grote, heel waarschijnlijk een kopie van Lysippos uit de 1ste/2de eeuw afkomstig uit Tivoli (Italië) mag ik niet missen. Vroeger stond hij in een donker hoekje en in tegenlicht bovendien, nu weer centraal maar jammer genoeg achter glas. Ook de jonge Alexander staat achter glas met een heel ongelukkige weerspiegeling. Zo is het altijd wat.


Zoals gezegd is dit slechts een deel van de enorme collectie van het Louvre natuurlijk. Ik geloof dat als je er elke dag naartoe zou gaan, je toch een jaar nodig hebt om echt alles te zien – en ik bedoel dan niet zo maar wat rondkijken.

[Klik hier om alle foto's van het Louvre te bekijken]

4 juni 2012

"Die Rückkehr der Götter" in het Römisch-Germanisches Museum in Keulen

Een bijzondere ontmoeting met antieke goden en godinnen die van 13 januari t/m 2 september 2012 te zien is in het Römisch-Germanisches Museum. Stukken die meer dan driehonderd jaar lang in het bezit van Pruisische keurvorsten en koningen waren om hun kastelen van Berlijn en Postdam te sieren, zijn thans ondergebracht in verschillende musea in Berlijn op het z.g. Museum Insel. Maar niet alle stukken zijn daar echt te zien want veel is gewoon opgeslagen in de bergingsruimte. De voorwerpen lopen uiteen van marmeren beelden tot terracotta en bronzen beelden in alle maten en groottes.

De Griekse goden blijven ons na meer dan 2000 jaren nog steeds boeien, van de machtige Zeus en zijn gemalin Hera met de tweelinggoden Apollo en Artemis tot de beeldschone Aphrodite en de wijngod Dionysus. Zelfs de Romeinen konden hier niets op aanmerken en gaven ze alleen nieuwe namen. Zo werd Zeus tot Jupiter omgedoopt en Hera tot Juno; Artemis werd gelijkgesteld met Diana, Aphrodite met Venus, Dionysus met Bacchus, Poseidon met Neptunus, Athena met Minerva, enz.

Nu staan ze hier opgesteld onder hun Griekse en/of Romeinse naam, meestal Romeinse kopieën uit de 1ste-2de eeuw van onze jaartelling. De beelden en schalen zijn keurig gepresenteerd met duidelijke uitleg in drie talen, kundig in de spotlights gezet zodat elk stuk helemaal tot zijn recht komt. Dit valt me vooral op bij een bijna levensgroot beeld van Diana waar alleen haar lichaam met zwierige rok van bewaard is gebleven. Veel van deze beelden zijn echter in recentere tijden gerestaureerd of bijgewerkt, iets wat de Duitsers blijkbaar graag deden. Zo staat hier een pracht van een marmeren Apollo met harp, waarvan blijkt dat alleen de torso origineel is – nou, het is dat ze het zeggen maar het is voor een leek als ik echt niet te zien.

Ik mag hier jammer genoeg geen foto’s nemen, dat schijnt ook zo de mode te zijn tegenwoordig en dat betreur ik vooral bij het zien van de unieke Aphrodite uit Cnidos, nou ja, haar hoofd dan. Ze kijkt me al het ware aan, het hoofd iets naar links rustend in een bijna vragende houding en het is alsof ze elk ogenblik zal opkijken. Ik kan me nu dus helemaal indenken dat men van alle windstreken naar deze Aphrodite in Cnidos kwam kijken, de eerste naakt uitbeelding van een vouw in de geschiedenis die door niemand minder dan Praxiteles werd gemaakt! Mijn dag kan niet meer stuk!