23 februari 2013

Cappadocië

In het dal rond Göreme bevindt zich de grootste concentratie rotskapellen en kloosters van Cappadocië, sommige bronnen spreken van 350 kerken, andere weer van 600. De minstens 30 kerken rond Göreme alleen zijn hoofdzakelijk na de 9de eeuw gebouwd, t.t.z. uitgehakt in het zachte vulkanische tufsteen. Dit gebied is gepromoveerd tot Openluchtmuseum en de UNESCO heeft dit dal zelfs op de Werelderfgoedlijst gezet – dat wil heel wat zeggen.

Eerst heb ik geen idee waar die kerken zich wel moeten bevinden tot ik er plots vlak voor sta. Sommige gevels zijn door weer en wind of aardbevingen vergaan zodat je eigenlijk meteen al binnen kijkt op de verkleurde fresco’s en fijn uitgehouwen zuilen en bogen. Op andere plaatsen moet je met een beetje enge ijzeren trap de grot in naar boven. Dat zijn dan de verrassingen.

Als eerste bezoek ik de Çariklı kilesi, de Kerk van de Sandaal (zo genoemd vanwege de afdruk op een van de fresco’s), die uit het einde van de 11de/begin van de 12de eeuw dateert. Een steile trap leidt naar de vierkante nis die toegang geeft tot de bovenste verdieping. De ruimte is niet zo groot, hoewel aangelegd in de vorm van een Grieks kruis met booggewelven en in het midden en in de oostelijke hoek overdekt met koepels. De wanden zijn versierd met fresco’s van de Vier Evangelisten en verschillende heiligen. Onder de kerk ligt een refter met een lange smalle stenen tafel geflankeerd door dito banken. Op het plafond zijn taferelen van het Laatste Avondmaal aangebracht. Naast de refter ligt uiteraard de keuken met nog een aantal opslagruimtes er omheen.

Iets verderop ligt de Kerk met de Slangen, ook uit de 11de eeuw, die rijk versierd is met taferelen uit het leven van HH. Joris, Theodorus, Constantijn en Helena. Deze fresco’s zijn bijzonder helder en blijken onlangs gerestaureerd te zijn. De enige verlichting komt door de deuropening en dat is waarschijnlijk ook het beste om er voor te zorgen dat de kleuren goed bewaard blijven.

De nabijgelegen Kerk van Santa Barbara uit het begin van de 11de eeuw dankt zijn naam aan een fresco op de westelijke muur, dat vermoedelijk de Heilige Barbara voorstelt. Op de centrale apsis is een zittende Christus te zien. Er zijn ook grappige figuren zoals bv. een kip met vier poten, naar het schijnt om de christenvervolgers op het verkeerde spoor te brengen. Onder dit tafereel zijn St. Joris en St. Theodorus te zien die de draak doden. Het worden allemaal wel kerken genoemd maar van formaat lijken ze meer op kapellen volgens mij.

De Kerk met de Gesp, de Tokali Kerk, is een van de fraaiste van dit dal. Hij telt vier aparte ruimtes: de Oude Kerk met een enkel schip en vestibule, de grotere Nieuwe Kerk, de kerk onder de oude kerk en een kapel ten noorden van de nieuwe kerk. De oude kerk uit de 11de eeuw met boogvormig plafond lijkt wel de ingang te zijn naar het nieuwe gedeelte en de wanden en plafond zijn volledig beschilderd met taferelen uit het Evangelie. De voorstellingen zijn zeer uiteenlopend, van de Boodschap aan Maria tot de Kruisiging en Wederopstanding van Christus. De zg. Nieuwe Kerk kan uit einde 10de eeuw maar ook uit de 13de eeuw dateren. Bewerkte zuilen verdelen deze kerk in drie delen, en de wanden vertonen bogen en zuilen in reliëf met daartussen ook weer taferelen van het leven van Christus. De ondergrondse kerk en kapel ga ik niet binnen.
 
Te midden van dit complex, want dat mag je dit wel noemen, prijkt de losstaande uitgeholde rotsformatie van het Kizlarklooster. De monniken moeten ladders en steigers gebruikt hebben om de hogere verdiepingen te bereiken.

Dat er tussen al die feeënschoorstenen en formaties zoveel kerken te vinden zijn had ik echt niet verwacht – een openluchtmuseum op zich.

[Klik hier om alle foto's te bekijken]

3 februari 2013

Troje. Stad, Homerus en Turkije

Troje heeft zowel een magische als een mysterieuze klank. Wat we weten komt uit de overlevering van Homerus die in zijn Ilias dan nog maar de laatste vier dagen van de 12-jaar durende oorlog tussen de Grieken en de Trojanen heeft beschreven. Een fascinerend verhaal dat de jonge Heinrich Schliemann al op vroege leeftijd wist te boeien. Hij was vastbesloten om de stad te vinden en dat is bij zijn opgravingen aan de kust van noordwest Turkije gelukt. Hij leverde het bewijs dat hij de stad gevonden had. Achteraf blijkt hij wel de plek van Troje gelokaliseerd te hebben maar de juwelen waarmee hij zijn vrouw Helena tooide bleken achteraf uit een andere laag, een vroeger tijdsperk te dateren dan dat waarin Achilles geleefd heeft.

Nou ja, al met al blijft Troje omstreden en de opeenvolgende beschavingen die in de verschillende lagen werden ontdekt zijn dan niet duidelijk gescheiden en lopen vaak in elkaar over. De 5.000 jaar oude mythes en geschiedenis bezorgen de archeologen en historici nog steeds veel hoofdbrekens.

In een poging om daar wat orde in te scheppen loopt er in het Allard Pierson Museum in Amsterdam een tentoonstelling over Troje als afsluiting van de festiviteiten rond het 400-jarig bestaan van de Turks-Nederlandse betrekkingen. Het is een unieke gelegenheid om voorwerpen uit Nederland en het buitenland op één plek samen te zien en ik stel me daar heel veel van voor. Niet minder dan 300 stuks uit oude en recente opgravingen liggen daar op de bezoeker te wachten. Er zijn originele stukken maar ook kopies zoals bij voorbeeld van de beroemde Schat van Priamus (de collectie goud en juwelen die Schliemann gevonden heeft). Het meest opvallende stuk moet een grote marmeren hoofd van Zeus zijn dat door het Archeologisch Museum van Istanbul uitgeleend werd.

Verder wordt er aandacht besteed aan Troje in het Turkije van de 19de en 20ste eeuw, inclusief voorwerpen uit het Ottomaanse Rijk zoals de vergunning van Schliemann om in Troje opgravingen uit te voeren en foto’s van Atatürks bezoek aan Troje.

Troje. Stad, Homerus en Turkije loopt nog tot 5 mei 2013, dus er is nog tijd en gelegenheid om een kijkje te gaan nemen.