1 november 2013

Het Louvre, Parijs

Een veel te groot museum om zomaar even te bezoeken.
In de laatste veertig jaar of zo ben ik er tientallen keren binnen geweest, de ene keer om de uitgebreide schilderijencollectie te bewonderen, dan weer voor de Franse beeldhouwkunst ten tijde van Lodewijk XIV, of de andere keer voor de oudhedenverzameling van de Soemeriërs tot de Romeinen, via de Assyriërs, Babyloniërs, Egyptenaren, Etrusken en de Grieken. Vóór de bouw van de centrale piramide moest je eindes lopen van de ene vleugel naar de andere, en zo ben ik wel eens verdwaald tussen de antieke meubels en de snuifdoosjes, Holbein en Erasmus op de zolderkamertjes, en de Koptische relikwieën in de kelder. Over de jaren zijn er stukken uit de collecties verhuisd naar de catacomben van het museum, terwijl er andere dan weer te voorschijn kwamen. Een bezoek is en blijft dus altijd een uitdaging.

Mijn voorkeur gaat natuurlijk uit naar de Grieks-Romeinse afdeling die onlangs helemaal gerenoveerd werd. Dat was eigenlijk hard nodig want veel beelden schreeuwden gewoon om een sopje! Maar na de herindeling heb ik echt wel moeten zoeken om bepaalde stukken die mij zo vertrouwd waren terug te vinden.

Tegenwoordig zijn bij voorbeeld alle terracotta beeldjes, al dan niet bestempeld als Tanagra-beeldjes, in eenzelfde zaal bijeengebracht. Hier staan pure juweeltjes met alledaagse tafereeltjes van mannen, vrouwen en kinderen, artiesten, godinnen, cupidootjes, en zelfs poppen met bewegende ledematen. Het meest opvallende terracotta vind ik dat van de Blauwe Dame uit 330-300 v.C. die door niemand minder dan Praxiteles is bewerkt. Hier staat ook het laatarchaïsche bronzen beeld van Apollo van Piombino, iets kleiner dan levensgroot met schitterend uitgewerkte haartooi.

De grote bazaltsteen met de wetten van de Babylonische Koning Hammurabi die geschreven zouden zijn rond 1772 v.C. is een must voor elke bezoeker, maar ook de hoogreliëfs uit de Assyrische paleizen van Khorsabad uit de 8ste eeuw v.C. die gevleugelde stieren met mensenhoofd voorstellen zijn een bezoek waard. Uit het Paleis van Darius I in Susa zijn er hele wanden van geglazuurd baksteen gehaald met daarop kleurrijke taferelen van gewapende soldaten, edele leeuwen en gevleugelde stieren, en ook een kapiteel met twee stierenkoppen dat ooit op de cederhouten zuilen van het paleis rustte.
Bijzonder is ook de eerste steen die gelegd werd door Darius I bij het graven van het kanaal dat de Nijl moest verbinden met de Rode Zee (522-486 v.C.). Soemerische priesters uit ongeveer 2500 v.C. met hun typische veren rokken die je met grote blauwe ogen aankijken en Bactrische prinsessen en godinnen in hun kaunakès van dezelfde oorspong. Drinkbekers, juwelen, en andere kleinere huishoudelijke voorwerpen mag je natuurlijk ook niet missen.

En zo beland ik dan in mijn knollentuin, de Grieks-Romeinse afdeling want al zijn veel beelden van oorsprong Grieks, we danken hun overlevering aan de vele Romeinse kopieën. Topkwaliteit is natuurlijk dat ene fries van het Parthenon in Athene, in mijn ogen mooier dan alle andere die in het British Museum staan. Beelden van Venus, Apollo, Aphrodite, Hermes, Athena en atleten worden afgewisseld met bustes van Plato, Socrates, Aristoteles, Pittacos en de knappe Antinoüs, de lieflijke Aphrodite uit Tralles en een bronzen Pan. Ik tref het met de lage zon die alle beelden weer tot leven lijkt te brengen.

En dan bereik ik in een hoekje dat voor mij heel belangrijk is waar minder gekende beelden staan van Alexander de Grote, maar ook van zijn opvolgers zoals Seleucos I Nicator, Ptolemeus I Soter, Ptolemeus II Philadelphus, Ptolemeus III Euergetus, Demetrius Poliorketes, Arsinoe II Philadelphus en Cleopatra, met uiteraard de onvermijdelijke Demosthenes. Hier staan nu ook de pilaren afkomstig van de Agora van Thessaloniki eind 2de/begin 3de eeuw met kariatideachtige figuren die ik voor het eerst gezien heb tijdens de tentoonstelling over Alexandre le Macédonien en nu dus definitief uit de kelder gehaald zijn. De beroemde Azara Hermes van Alexander de Grote, heel waarschijnlijk een kopie van Lysippos uit de 1ste/2de eeuw afkomstig uit Tivoli (Italië) mag ik niet missen. Vroeger stond hij in een donker hoekje en in tegenlicht bovendien, nu weer centraal maar jammer genoeg achter glas. Ook de jonge Alexander staat achter glas met een heel ongelukkige weerspiegeling. Zo is het altijd wat.

Zoals gezegd is dit slechts een deel van de enorme collectie van het Louvre natuurlijk. Ik geloof dat als je er elke dag naartoe zou gaan, je toch een jaar nodig hebt om echt alles te zien – en ik bedoel dan niet zo maar wat rondkijken.

[Klik hier om alle foto's van het Louvre te bekijken]