31 januari 2015

Tentoonstelling over Carthago in Leiden

In het Rijksmuseum voor Oudheden in Leiden (Nederland) loopt momenteel een grandioze tentoonstelling over Carthago (tot 7 mei 2015), voor mij aansluitend op mijn recente bezoek aan Motya op Sicilië waar een groot aantal Punische voorwerpen en een Tophet (begraafplaats) te vinden zijn.

Carthago wordt aangemeld zijnde de derde stad van het Romeinse Rijk, na Rome en Alexandrië, en dat is toch niet niks. Carthago lag in Noord-Afrika aan de kust van het huidige Tunesië, maar was oorspronkelijk een kolonie die waarschijnlijk in de 9de eeuw v.C. gesticht werd door de Feniciërs afkomstig uit het huidige Libanon. Carthago had een machtige vloot die er toe bijdroeg om een uitgestrekt netwerk rond de Middellandse Zee op te bouwen, tot groot verdriet van de Romeinen. Vanaf de 5de eeuw werd over de macht van Carthago gevochten, en pas in 146 v.C. lukte het de Romeinen om Carthago te verslaan. Ruim een eeuw later groeide stad uit één van de drie machtigste steden, dankzij Keizer Augustus die de stad weer opbouwde. Drie eeuwen later werd Carthago, net als zoveel andere steden in Noord-Afrika, ingenomen door de Vandalen en vanaf de 7de eeuw raakte de stad in verval. Pas begin 19de eeuw werd Carthago herontdekt en staat nu op de Wereld Erfgoedlijst van de UNESCO.

De tentoonstelling in Leiden is in twee delen opgebouwd: van 900 tot 146 v.C., de strikt Carthaagse periode, en na 146 v.C. als het Romeinse Carthago, elke periode op zijn eigen verdieping. De tentoongestelde voorwerpen zijn afkomstig uit musea in Tunesië, maar ook uit het Louvre en het British Museum waar men normaal aan voorbij loopt.

Punische kunst is op zijn minst gezegd intrigerend en nooit meteen herkenbaar zoals bv. Griekse of Egyptische voorwerpen. Er is altijd wel een invloed van buitenaf te merken, Egyptisch, Afrikaans, Syrisch (hun thuisland) en soms met een snuifje Grieks wanneer de artiest uit Griekenland blijkt te komen. Opvallend is bv. het marmeren deksel van een sarcofaag uit de 4de-3de eeuw v.C. afkomstig uit de Necropool van Rabs in Carthago, die een dame toont in een Grieks aandoend gewaad terwijl de voorstelling eerder bij de Etrusken te vinden is. Van Egyptische invloed zijn dan weer de slang op haar voorhoofd en haar kapsel, alsook de vleugels rond haar lichaam. Dit zou een priesteres van Isis kunnen voorstellen, maar zeker is dat niet. Een ander opvallend beeld is dat van een Godin met Leeuwinnenhoofd dat van terracotta is gemaakt.

Het dateert uit de 1ste eeuw n.C., de Romeinse periode, maar het geheel doet nog sterk denken aan de Punische godheid Tanit, ofschoon het ook de Egyptische Sekhmet zou kunnen voorstellen. Het lijkt alsof het hoofd niet bij het lichaam past, het gewaad doet Grieks aan ofschoon de veermotieven dan weer verwijzen naar het Midden-Oosten. Dit beeld werd gevonden in Tinissut en is voor de gelegenheid afgestaan door het Bardo Museum in Tunis.

Maar er zijn natuurlijk veel meer bijzondere stukken, zoals de Punische grafsteles, het schitterende bronzen Punische kuras, de uitgewerkte zilveren Fenicische schalen uit de 7de eeuw v.C., een aantal wierookbranders bovenop terracotta hoofden die heel Grieks aan doen en uit de 3de-2de eeuw v.C. dateren, of de unieke marmeren zonnewijzer (scaphe) uit Carthago uit de 1ste-2de eeuw n.C. en door het Louvre is uitgeleend.

Op de tweede verdieping, gewijd aan de Romeinse tijd, vinden we beelden en voorwerpen die er al heel Romeins uitzien. Opvallend hier zijn een aantal die voor de kust van Tunesië opgedoken zijn uit het zg. scheepswrak van Mahdia, met o.a. twee allerliefste bronzen beeldjes van Eros met de lamp en een dansende Sater uit ong. 100 v.C. Klapstuk is dan wel het gave bronzen scheepsram van een Fenicische trireem, een unicum!


Op een speciale pagina van het Rijksmuseum voor Oudheden is een aantal topstukken te zien (klik hier), en mijn eigen topstukken staan in dit album, Carthago in Leiden 2015.

10 januari 2015

“From Agamemnon to Alexander the Great” Tentoonstelling in Noord Amerika

“The Greeks – Agamemnon to Alexander the Great” is een tentoonstelling die onlangs geopend werd in het Montreal Archaeology and History Museum in Pointe-à-Callière, Canada (12 December 2014 – 26 April 2015). Van hieruit reist hij naar het Canadian Museum of History in Gatineau, Canada (5 Juni 2015 – 12 Oktober 2015), gevolgd door het Field Museum in Chicago, U.S.A. (26 November 2015 – 17 April, 2016) en eindigt in het National Geographic Museum in Washington DC, U.S.A. (tot 9 Oktober 2016).

Deze tentoonstelling beslaat een periode van meer dan 5.000 jaar Griekse geschiedenis, vanaf de bakermat van onze westerse beschaving tot het fascinerende tijdperk van Alexander de Grote. Er worden over de 500 voorwerpen getoond, afkomstig uit 21 verschillende Griekse musea.

We kunnen er kennis maken met beroemde figuren die Griekenland groot gemaakt hebben, zoals Homerus, Leonidas van Sparta, Plato, Koning Philippus II van Macedonië, Aristoteles, en natuurlijk Alexander de Grote. Hun nalatenschap is nog steeds terug te vinden in onze politiek, filosofie, kunst, architectuur, rekenkunde, medicijnen en sport.

Al gauw gaat de aandacht naar de legendarische figuren uit de Trojaanse Oorlog, met Agamemnon die naar Troje voer om zijn schone Helena terug te halen. Een 12-jaar durende oorlog waar natuurlijk veel meer op het spel stond dan een knappe vrouw. Uiteraard wordt er stilgestaan bij Heinrich Schliemann met zijn ontdekking van de schatten van Troje en de Koninklijke Graven van Mycene.

Hierna belandt de bezoeker bij Alexander de Grote, die zijn vader, Koning Philippus II van Macedonië op 20-jarige leeftijd opvolgde. Hij veroverde het grootste deel van de toenmalige wereld en liet een totaal nieuwe wereld achter rijk aan nieuwe ideeën en gebruiken. Zijn invloed is tot op heden, 2.500 jaar later nog voelbaar.

Twaalf eeuwen scheiden Agamemnon van Alexander, en ondertussen kende Griekenland zijn Gouden Eeuw toen Pericles de democratie “uitvond”. Tijdens de 5de en 4de eeuw v.C. vinden we de eerste grote filosofen in Griekenland, met name in Athene. Ook het theater en de kunst in het algemeen rees tot een ongekend hoog niveau. Er is ook aandacht besteed aan de Olympische Spelen die in 776 v.C. voor het eerst gehouden werden en die alle vier jaar atleten uit heel Griekenland aantrokken.

Sommige bijzondere voorwerpen worden voor het eerst buiten Griekenland getoond. Zo zien we gouden offergaven uit de Graven van Mycene inclusief het beroemde gouden masker dat aan Agamemnon toegeschreven wordt, een typisch figuurtje van het Cycladeneiland Amorgos dat uit 3.000 v.C. dateert, een schitterende Minoische vaas uit Kreta, bronzen helmen en gouden grafmaskers uit Beotië, en een prachtig beschilderde grafvaas uit Delos waarop te zien is hoe Achilles wraak neemt op de dood van zijn vriend Patrocles. Het geheel zou niet compleet zijn zonder een beeld van Homerus en van andere beroemde historische figuren, een overtuigend votief reliëf van Asclepius met de slang rond zijn staf (een logo dat we heden nog kennen), en een fijne gouden krans met levensechte takken mirte, dat symbool staat voor Aphrodite.


Voor de Alexanderliefhebbers staan hier dan twee beelden uit het Museum van Pella te pronken: Alexander als Pan en het Hoofd van de Jonge Alexander.