9 juni 2012

De grote tumulus van Vergina, Griekenland

Er is hier schitterend werk verricht. Om deze Koninklijke graven en de andere resten die hier gevonden zijn te bewaren voor het nageslacht, heeft men een ondergrondse ruimte ingericht om al deze monumenten bij een constante temperatuur en vochtigheidsgraad te beschermen. Tussen de tombes in werd een expositieruimte aangelegd voor de kostbare vondsten uit de graven. Daarna werd de tumulus weer opgeworpen in zijn oorspronkelijk staat, en dat is wat ik nu te zien krijg.

Het is hier koel en donker, komende uit het felle zonlicht is het even tasten en wennen. Indrukwekkend! Dit museum heeft ernaar gestreefd om een neutrale omgeving te creëren waarin de voorwerpen zelf in de spotlights komen te staan en dat is gelukt.

Ik word naar links verwezen, daar waar een tiental grafstèles een erehaag vormen op weg naar de resten iets verderop. Nu zijn er over heel Griekenland honderden en misschien wel duizenden grafstèles te vinden, al dan niet in de musea en ik heb, eerlijk gezegd, zoiets van dat ik die nu wel voor bekeken hou. Maar deze Macedonische stèles tonen niet alleen sporen van verf, nee, ze zijn rijkelijk beschilderd met kleuren die na 2 ½ duizend jaar nog zo helder zijn als op de dag van gisteren. Slanke rechthoekige stèles met een bescheiden rood geschilderde strik om zijn middel met daaronder de naam van de overledene; een andere stèle met een palmetkroon met donkerblauwe nerven en lichtroze randen; dan een stèle die een volledig afscheidstafereel toont zoals ik dat eerder in reliëf gezien heb maar nu geschilderd met tere kleuren en contouren; weer andere stèles in varianten van de vorige, telkens met de naam van de overledene er op alsof je verondersteld wordt ze gekend te hebben. Oh! Wat Jammer dat ik hier niet mag fotograferen.

Met een trapje op beland ik aan een ingezakte Heroon uit de 3de eeuw v.C. dat ik van bovenaf mag bewonderen. Daar achter ligt een geplunderd graf dat De Tombe van Persephone genoemd wordt naar de fresco’s die daar gevonden zijn. Deze werden er uit verwijderd en hangen nu aan de muur er achter. Schitterende scènes vol betovering en verdriet die op zeer menselijke manier zijn weergegeven. Buiten de drie vrouwelijke figuren, herkent men de godin Demeter, treurende over het verlies van haar dochter. Dit is werk van hoog artistiek niveau dat wel eens aan Nikomachos toegeschreven kon worden.

Iets verderop, nog steeds in dezelfde tumulus, ligt een kleiner en iets recenter graf, dat het Prinsengraf genoemd wordt. Ook dit graf was ongeschonden en bevatte nog alle gaven, inclusief kostbaar vaatwerk en wapens. De dode was een jongeling van ongeveer 14 jaar die lid van de koninklijke familie geweest moet zijn en er gaan geruchten dat dit de zoon van Alexander zou kunnen zijn. Zijn resten werden in een zilveren urn (hydra) bewaard waarop een gouden kroon rustte. Het smalle fries dat langs de binnenwand van de grafkamer loopt stelt een paardenrace met wagenmenners voor die nu nog heel levendig van kleur moet zijn, want daar mag ik natuurlijk ook niet in. Wel mag ik, net als bij Philippus de trap af naar de ingang van de tombe, soberder dan de vorige façade maar toch ook weer met heel mooie kleuren op de trigliefen. Het fries dat daarboven over de hele breedte liep is vergaan, men denkt dat het op dierenhuid of hout geschilderd was.

De zilveren hydra met de gouden eikenbladeren kroon staat apart in de spotlights, een juweel! Ook hier weer prachtige ivoren beeldjes die ooit de statiebank versierden. Ik vergaap me aan de finesse waarmee bv. de vingers en het haar uitgewerkt zijn! Niet te geloven!

Het is allemaal zo mooi en zo bijzonder dat ik nog een tweede rondje museum doe, zeker nu dat de kakelende en kwetterende Griekse vrouwenbond eindelijk afdruipt. De meest opvallende voorwerpen en taferelen wil ik goed in mijn geest graveren, vooral omdat ik toch al geen foto’s mag nemen.

Als ik na 2 uur ronddwalen terug buiten sta, is het opmerkelijk stil. Op een handjevol toeristen na is de ruimte rond de tumulus verlaten. Bij de snack onder de bomen geniet ik van mijn thee en water en rust. Natuurlijk lopen mijn gedachten nog in het museum en het antieke Aegae rond, de tijd overbruggen is altijd moeilijk. De souvenirwinkeltjes prijzen Alexander in alle maten en vormen aan, maar hij lijkt helemaal niet, vind ik. Goedkope kitsch. Wel koop in nu een boekje over Aegae en het tumulus museum want daar staan wel plaatjes in van de dingen die ik zelf niet mocht fotograferen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen