15 november 2011

Cyrene, Libië

Naar wat ik gelezen heb, was Cyrene in de oudheid een van de grootste steden van Noord-Afrika (reeds in de 5de eeuw v.C. waren er al tienduizenden inwoners) samen met Leptis Magna (allicht) en Sabratha, Volubilis in Marokko en Dougga en El Jem in Tunesië.

Ook hier beginnen we met het museum. Dat heeft zo zijn voordeel omdat je dan in één oogopslag de rijkdom van de stad kunt overzien, maar dat heeft ook zo zijn nadeel wanneer je op de site zelf rondloopt en plots in gedachten terug moet grijpen naar dat ene beeld of dat ene mozaïek. Vandaag is het gewoon omdat het beter in het programma past, zodat we aansluitend kunnen lunchen om daarna Cyrene zelf in te trekken.

Ons busje stopt bij een lange witte muur waar ik zou gauw geen bordje zie staan over een museum of zo. Binnen de poort ligt een binnenplein waar we verwelkomd worden door onze plaatselijke gids, een gulle figuur in een kraakheldere witte trui. De dubbele ijzeren deur links wordt ontsloten, de neon lampen flikkeren aan en we mogen deze ruime kale zaal binnen. Gidsen hebben zo hun eigen manier om hun verhaal te doen, iets waar ik meestal moeite mee heb gewoon omdat ik op mijn eigen manier selectief te werk ga. Maar ik wil de brave man natuurlijk niet voor het hoofd stoten en probeer dus te schipperen.

Opvallend is dat hier een stèle staat van de oprichters van Cyrene, daterend uit de 4de eeuw voor Christus waarop te lezen valt dat de inwoners van Thera (het huidige Santorini) zich hier in de 7de eeuw v.C. vestigden zoals opgedragen door het Orakel van Delphi. Jonge mensen werden er toe aangezet om zich hier te vestigen en Battos werd aangesteld als hun leider en koning. Bijzonder toch dat zo een oud document bewaard gebleven is. En dan moet ik plots  aan Delphi denken als ik het beeld van een sfinx op een Ionische krulzuil midden in de ruimte zie staan. Die lijkt als twee druppels water op de sfinx die in het Museum van Delphi staat en die tussen 570 en 560 v.C. door de rijke inwoners van Naxos aan de tempel geschonken werd en op een 10 meter hoge zuil stond te pronken. Dat moet dus hier dus ook het geval geweest zijn. Niet te geloven hoe dingen soms bij elkaar passen.

Vlakbij de ingang worden we gewezen op een indrukwekkende marmeren Romeinse sarcofaag uit de 4de eeuw, waar op de lange kant dansende Menaden staan uitgebeeld en op de korte kant een gevleugelde leeuw met menselijk hoofd. Bovenop de deksel zit een echtpaar in de stijl die we kennen van de Etrusken, maar die in die tijd erg in zwang was. Het is een beetje overdadig, maar toch toont de decoratie sporen van verfijning.

Er staan hier een groot aantal goed bewaarde beelden: Aphrodite met een dolfijn aan haar zijde, een knappe jongeling die me aan Apollo doet denken, Heracles ten voeten uit en een damesfiguur met prachtig gedrapeerd gewaad, een kleine Isis helemaal beschilderd, een driehoofdige Hekate met nog verfsporen rond de ogen (uit het heiligdom van Apollo), de alom vertegenwoordigde Drie Gratiën (waarvan er twee nog hun hoofd hebben bewaard) en een heel aantal bustes waaronder die van Marcus Aurelius en van de zuurpruim Demosthenes. Deze laatste zou ik bijna zeggen dat hij de smoor in heeft omdat Alexander de Grote ook in de zaal staat! Ja hoor, heuselijk waar! Ten voeten uit nog wel en duidelijk herkenbaar, met naast hem de povere resten van zijn geliefd paard Bucephales. Nou ja, mijn dag kan niet meer stuk hé? Alexander had ik hier helemaal niet verwacht, moet je weten! Maar ja, het is wel heel logisch dat hij hier staat omdat de Griekse steden van de Cyrenaica samen met Egypte aan hem toekwamen tot ze later geregeerd werden door Ptolemeus en zijn dynastie. Ik wring me uiteraard in alle mogelijke bochten om toch maar een goede foto van Alexander te schieten. De rest van de zaal valt ineens helemaal in het niet. Ik ga zo intens op in mijn foto’s dat ik maar half merk dat het licht plots uit gaat. Ja, hallo? Ik moet toch de rest nog even zien hoor! Achterin staat er bij voorbeeld een heel rijtje met reliëfs waarop paardenrennen en menners zijn uitgebeeld. De paarden van Cyrene waren namelijk beroemd omdat ze sterk waren in de oorlog en snel tijdens de races – dat weet ik dan ook weer.

Maar dan hoor ik de metalen deur dichtslaan en een sleutel die knarsend in het slot omgedraaid wordt. Nee, nou moeten ze me toch niet opsluiten hé? Ik sprint dus meteen naar de deur en klop met mijn vuist op de holle plaat. Gelukkig, ze hebben me gehoord en onder algemene hilariteit word ik uit mijn sombere ruimte bevrijd.
juni 2010
[Alle foto's zijn te bekijken op Cyrene, Libië]

Geen opmerkingen:

Een reactie posten